Categorie: Roadtrip

De bonnefooi

Op de bonnefooi betekent ‘op goed geluk’, ‘zonder van tevoren iets te regelen of af te spreken’. Wist je dat de uitdrukking mogelijk een vernederlandsing is van de Franse uitdrukking ‘de bonne foi’ (‘te goeder trouw’?) Of zou het toch afgeleid zijn van de uitdrukking ‘la bonne voie’ (‘de goede weg’)?  Het klinkt ons in ieder geval als muziek in de oren en daarom besloten we afgelopen zomer geen enkele kampeerplek van tevoren te bespreken. Hoe dat is bevallen? 

“Heb je echt niets besproken? Ook niet voor de eerste nacht? Of twee nachten? Maar dan is alles toch vol! Het is hoogseizoen! Je hebt kinderen! Dat je die gok durft te nemen!” Als we op de reacties uit onze omgeving af waren gegaan, hadden we voor twee en halve week campings in Frankrijk geboekt. Toch deden we dit niet. De vrijheid van een camper is wat ons betreft rijden tot hoe ver je wil, en daarom bepaalden we voor de eerste nacht ook geen einddoel. Het enige dat we op de ochtend van vertrek besloten was een bepaalde richting Frankrijk in te rijden, in ons geval richting het Loiregebied.

Het was best even wennen om geen bestemming in te voeren. In mijn dagelijks leven ben ik altijd aan het rekenen hoe lang ik erover doe om ergens te komen en dan reken ik terug hoe laat ik in de wagen moet stappen. Maar wat is het een verademing dat het niet nodig is om op een bepaalde tijd op een bepaalde plek te zijn. Juist dat maakt dat het reizen op zichzelf al als vakantie aanvoelt. Omdat wij reizen met twee jonge kinderen, hebben we de eerste reisdag niet langer gereden dan een uur of vier. Toen we vanuit regenachtig België in zonnig Frankrijk arriveerden, de kinderen verlangden naar een plons in een zwembad en Jannes en ik zin hadden in een lekker koud glas vin blanc, zocht ik op mijn smartphone vier campings op in de buurt en vergeleek deze met elkaar. De camping van onze eerste keuze bleek gelukkig voldoende plek te hebben.

“Volg op social media mensen die je inspireren”

Veel mensen hebben ons de afgelopen maanden gevraagd hoe wij onze campings uitzochten. Afgelopen zomer bezochten wij in Frankrijk acht fantastische campings. Hoe we deze vonden? Een handige app is NKC Campercontact. Dit is een gratis app voor leden waar je meer dan 30.000 (!) camperlocaties vindt in 51 landen. Naast gedetailleerde informatie over campings, kun je deze app ook goed gebruiken wanneer je op zoek bent naar een camperplaats. Deze hebben wij deze vakantie met kinderen nog links laten liggen, maar hier willen we later zeker ook gebruik van gaan maken.

De heerlijke oldskool manier van het vinden van leuke campings, is door in contact te komen met andere camperaars. Wanneer wij een geweldig gezin met camper én kinderen troffen die ons vertelden over campings in de buurt waar zij de tijd van hun leven hadden, vonden wij dit wel de moeite waard om een kijkje te nemen. Bijna net zo leuk als ‘echt’ contact is het contact dat wij hebben met onze volgers op Instagram. De camperaars die ons verhaal leuk vinden en onze manier van reizen aansprekend vindt, hebben vaak geweldige tips voor schattige, authentieke parels van campings. Tip: volg op social media mensen die je inspireren. De kans is groot dat de plekken die zij bezoeken voor jou ook interessant zijn.

“Ook op de volle campings kregen we uiteindelijk met liefde een plekje toegewezen”

In twee en halve week bezochten we acht campings. En daar waar we zelf van tevoren hadden bedacht dat het zou kunnen voorkomen dat een camping géén plek heeft, hebben we alle keren dat we op een camping arriveerden, geluk gehad. Tweemaal kwam het zelfs voor dat wij het laatste plekje hadden en we het bordje ‘complet’ even later bij de receptie zagen hangen. Toch is het ook belangrijk dat je je niet laat afschrikken als je bij een camping aankomt en je deze tekst wel ziet staan. Ook op de campings die wel vol stonden, kregen we uiteindelijk met liefde een plekje toegewezen. Dat dit ligt aan onze snoezige Hymer of komt door de meestal zeer vriendelijke eerste indruk die onze dochters maakten (“Bonjouuuur!”) zou uiteraard kunnen.

Op de bonnefooi op reis: wij kunnen het iedereen aanraden. Als het ons in het hoogseizoen, in een van de populairste vakantielanden én met kinderen lukt (dan moeten de campings aan iets meer eisen voldoen dan wanneer je zonder kinderen reist) dan moet het toch altijd wel goed gaan? Na onze vakantie in Frankrijk is mijn vriend nog een weekje weggeweest in Nederland, samen met zijn zoon van dertien. Ook de populaire campings met festivalimago, hadden allemaal een plekje voor de mannen, terwijl we in dezelfde tijd andere mensen naar ons stuurden dat ze ook hadden willen gaan, maar de camping volgeboekt was. Wat we inmiddels weten, is dat iedere camping een aantal plaatsen vrijhoudt voor zogenaamde ‘aanrijders’, want hoe jammer zou het zijn als je als camping geen spontane gasten kunt verwelkomen?

“Voor liefhebbers van spanning en avontuur is op de bonnefooi reizen het helemaal”

Als je van tevoren graag wil weten op welke plek je komt te staan op een camping, dan is reserveren natuurlijk wel zo handig. Maar als het je niet uitmaakt en je van spanning en avontuur houdt zeggen wij: ga lekker op de bonnefooi. En mocht dat ene plekje dat over is je nou echt allesbehalve aanspreken, dan rij je zo door naar de volgende camping!

 

Motorpech na één dag onderweg

“We verlangden naar Frankrijk, maar waar we precies zouden uitkomen, dat zou de tijd ons leren. Dat we na één dag reizen met pech stil zouden komen te staan, zagen we niet aankomen.”

Zondagochtend vertrokken we met onze Hymer uit 1983 op vakantie. “Waar gaan jullie heen?” vroegen de buurkinderen aan onze kinderen. “Op avontuur!” antwoordde onze oudste dochter. En zo was het. “Hebben jullie dan geen plan?” vroegen enkele vrienden licht verontrust. “Geen plan, alleen een richting” antwoordde ik.

Dat het de meeste Nederlanders lukt om in de winter al een vakantie te boeken voor de zomer, vind ik knap. Ieder jaar ben ik weer te laat en kan ik op de leukste campings geen geschikt huisje of ingerichte tent meer boeken. Maanden van tevoren al nadenken over waar je graag heen wil en hoe lang je daar dan precies blijft en op welke dag je reist, is niet aan ons besteed. Als kind ging ik ‘op de bonnefooi’ op vakantie. Met zes kinderen zonder plan op pad. Mijn ouders zagen wel waar ze met ons uitkwamen.  

In een leven met drukke banen en volle agenda’s lijkt het misschien onmogelijk om ‘geen plan’ te hebben. Maar eigenlijk is er niets fijner om geen plan te maken, wanneer je een dag of een weekend vrij bent. Juist dan ontstaan de leukste ontmoetingen en heb je heerlijke spontane borrels en etentjes. En ook heb je dan momenten waarop je ineens wél dat boek uitleest dat al maanden op je nachtkastje ligt. Om deze reden wilden wij graag een camper. Op vakantie gaan zonder een vast plan, zodat alles mogelijk is en er van alles op je pad kan komen…  

“Het was alsof we voor het eerst first class reisden; wat een luxe!”

We reden zondag voor het eerst naar het buitenland met onze Hymer. De trip was één groot feest voor onze kinderen die de afgelopen jaren gepropt op de achterbank van de auto tussen volgestouwde shoppers zaten. Ze hebben achterin onze camper volop de ruimte en kunnen lezen, kleuren en knutselen. Gekoelde drankjes binnen handbereik, een wc aan boord; wij vermaakten ons allen opperbest. Het was alsof we voor het eerst first class reisden; wat een luxe!

Na een kilometer of 400 stopten we voor onze eerste overnachting op een camping in het Franse Picardië. We arriveerden op een gezellige, kleine camping naast een boerderij, met een zwembad, een leuke bar en terras en een springkussen en trampoline. Uitzicht op Franse koeien, een grote vrieskist met ijs en ’s ochtends verse croissants van de plaatselijke boulangerie. Prima! Toch waren we van plan niet langer dan één nachtje te blijven, om nog iets zuidelijker te trekken. 

“Er zat niets anders op dan de S.O.S. Noodcentrale te bellen”

Hier dacht ons kampeermiddel anders over. Nadat we de volgende morgen van onze plek waren afgedraaid en met gierende bandjes de camping wilden afrijden, stopte de motor ermee. We kregen onze wagen niet meer aan de praat, waardoor er uiteindelijk niets anders opzat dan de S.O.S Noodcentrale te bellen en te vragen om hulp. Die hulp kwam, alleen wel pas aan het einde van de middag. Een vriendelijke Franse garagist uit een paar dorpen verderop nam uitgebreid de tijd om eens te kijken waarom Hannah’s Hymer geen brandstof meer aan wilde zuigen. 

De garagist moest ons helaas wel vertellen dat hij geen verstand had van oude auto’s. Zijn specialiteit: voertuigen die zijn gebouwd in 2015 en later. Van het bouwjaar 1983 schrok hij zienderogen. Het was de hoogste tijd om zijn ‘chef’ te bellen en om hulp te vragen. Le chef kwam een uurtje later. Het was een actiegericht type, dat direct zijn witte gedeukte busje (als ik ooit in Frankrijk ga wonen dan wil ik ook een wit, gedeukt busje) verliet om met onze motor aan de slag te gaan. 
De diagnose was door de monsieur snel gesteld: de brandstofpomp was overleden (“c’est terminé!”) en er moest een nieuwe pomp komen. “C’est un grand problème?” vroeg ik nog. “Mais non! Non! Petit problème. De chef drukte ons op het hart dat hij de volgende ochtend zou terugkomen met een gloednieuw pomp. Hij reed de camper met een noodpomp (?) voor ons terug op de plek en nam afscheid. “Pas de problème! A demain! Au revoir!”

De omstandigheden waarin we pech kregen waren perfect”

Uiteraard boekten we een nachtje bij. We dronken vin blanc op het terras, zwommen nog een rondje, brachten een bezoek aan de koeien, ezels en geitjes en kwamen terecht in het lokale café, waar in de afgelopen tien jaar nog nooit een toerist was geweest. Ook relativeerden we: jammer dat we pech hebben gekregen met onze camper, maar de omstandigheden waren eigenlijk perfect: we stonden niet op een berg zonder telefonisch bereik, waren niet in een enge lange tunnel, maar stonden op een camping waar we zo lang mochten blijven als nodig was. En als die nieuwe pomp er was, dan kon onze vakantie niet meer kapot! 

De volgende ochtend was er geen garagist op de camping te bekennen. Ik belde de beste man om te vragen wanneer hij van plan was langs te komen. “Demain!” riep hij vrolijk. En wist niet hoe snel hij op moest hangen. Een vreemd verhaal, maar wat moesten we doen? We boekten weer een nacht bij en probeerden onszelf gerust te stellen dat het vast zo moest zijn dat we nog even op deze plek moesten blijven. Tot de volgende ochtend. 

Toen was er namelijk weer geen Franse garagist te bekennen en om er zeker van te zijn dat het geen taalprobleem betrof, liet ik de receptioniste van de camping met de garage bellen. “Hij heeft het onderdeel nog niet binnen” zei ze. “Het wordt morgen.” 

“Hadden we wel echt een nieuwe brandstofpomp nodig?!”

Het is vreemd dat wanneer je pech hebt, je er alles voor over hebt om weer de weg op te kunnen. Ik weet zeker dat wanneer we op zondagavond een nieuwe pomp hadden kunnen laten plaatsen, we het direct hadden gedaan. Zonde van het geld, maar het zou het waard zijn. Toch zat het ons niet lekker en geloofden we de Franse garage steeds minder. Hadden we wel echt een nieuwe pomp nodig?! En hoe zouden we weten of dat het geval was?

Toen Jannes de camper startte, deed hij het gewoon. We besloten wat belletjes te plegen naar het betrouwbare thuisfront. Eerst naar mijn vader (die ik altijd bel wanneer ik in de problemen zit) en daarna naar Smits Campertechniek in Ede, waar onze camper vlak voor onze vakantie volledig was nagekeken en opgeknapt. De jongens van Smits wisten ons te vertellen dat wanneer de brandstofpomp kapot zou zijn, we de camper nooit zouden kunnen starten. Het verhaal van de nieuwe pomp klonk in één klap als een mooie oplichtingstechniek van de lokale Franse garagist. Waarschijnlijk was het ontluchten al genoeg geweest zijn om ervoor te zorgen dat er weer brandstof in de motor zou komen en hadden de jongens van de garage ons zondagmiddag ter plaatse al gewoon weer op weg geholpen. 

“Wat hebben we geleerd van onze eerste pech ervaring met de camper?”

Samen hebben we besloten om de weg weer op te gaan. Netjes hebben we de Franse garage afgebeld. Zijn antwoord: “D’accord.” Inmiddels hebben we vijfhonderd kilometer met onze Hymer gereden, die nog steeds loopt als een zonnetje. Wat we hiervan hebben geleerd? We zijn blij dat we in Nederland een garage hebben die onze camper goed kent. Natuurlijk kun je zelfs na uitgebreid technisch camperonderhoud pech krijgen, maar wanneer een buitenlandse garage het noodzakelijk ziet een onderdeel van je camper te vervangen, is het fijn om iemand te kunnen bellen die ook verstand heeft van jouw wagen.

Als groentjes in de camperwereld zijn we heel blij dat we goed zijn verzekerd. Dankzij onze verzekering bij NKC hebben we geen extra kosten gemaakt. Wat we nog meer leerden? Dat je zo’n pechgeval als dit ook weer heel snel vergeet als je eenmaal weer on the road bent. En natuurlijk dat het allerbelangrijkste is dat wij zelf én de kinderen allemaal in goede gezondheid zijn. Een beetje pech hoort er misschien wel gewoon bij.

Met de camper op pad (zonder man)

“Ik wilde de luifel graag uitdraaien, maar had geen idee hoe dit te doen. We bakten er dus maar vrolijk op los en sprayden de kinderen lekker dik in met zonnebrand.”

Dit jaar stak het fenomeen Pinkstervakantie de kop ook. Ook de school van onze kinderen besloot aan deze trend mee te doen en zo hadden de meisjes in juni zomaar nog een extra week vrij. Jannes moest de hele week werken, ik slechts twee dagen. Met het weekend erbij zou ik met de kinderen vijf dagen kunnen gaan camperen. Nadeel: ik zou moeten gaan zonder man. Voordeel: ik zou kunnen gaan met een vriendin!

“Weet je zeker dat jullie willen gaan?” vroeg Jannes me, bezorgd door het weerbericht scrollend. “Natuurlijk!” riep ik vrolijk. Mijn vriendin Loes en ik kampeerden een paar jaar geleden nog samen in een paarse iglotent in het altijd gezellige Harfsen en regenden samen met onze kinderen weg in Zeeland, nadat we beide meer dan duizend euro hadden betaald voor een week vakantie in een romantisch strandhuisje. Wat kan ons gebeuren? Ook al werd er regen voorspeld, wij zouden naar Bloemendaal aan Zee gaan. 

Toen het niet alleen steeds harder begon te regenen maar ook stevig begon te waaien, stelde Jannes voor om de camper voor ons op de camping neer te zetten. Hij zag niet helemaal voor zich hoe ik met een vriendin naast me en vier (mogelijk hysterische) kinderen achterin, ons kampeermiddel veilig naar de kust zou brengen of in windkracht negen überhaupt op de juiste weghelft zou houden. Op de snelweg wiebelden de caravans en campers dan ook flink heen en weer. Haarlem was bezaaid met takken die uit bomen waren gewaaid. Jannes vertelde me bij aankomst bloedserieus dat de voorruit van onze Hymer bijna was gespiesd door een tak, maar daar was hij dan; de superheld die de vrouwenkampeervakantie mogelijk maakte.

“Het moment waarop ik het bloemetjestafelkleed tevoorschijn tover”

Hoewel we nu een dag eerder op Camping Bloemendaal arriveerden, mochten we onze Hymer alvast op een plekje zetten. Dit betekende dat mijn man me kon helpen met het installeren van het kampeermiddel: schoon water vullen, levelen, elektriciteit aansluiten, je kent het wel. Ik bedacht me net op tijd dat ik goed op moest letten. Dit was het moment waarop ik normaal gesproken limonade produceer voor de kinderen en het bloemetjestafelkleed tevoorschijn tover en me geen seconde bezighoud met technische aangelegenheden. 

Om mijn aandacht en focus erbij te houden en Jannes te laten zien en voelen dat hij mij en de kinderen met een gerust hart kon achterlaten, stelde ik ook vragen: “Waar haal je die slang vandaan?” “Wanneer weet je dat hij vol is?” en: “Hoe lang duurt dit gemiddeld?” Er waren voor zijn vertrek ook nog enkele serieuze waarschuwingen: “Als je naar het strand gaat, draai dan alsjeblieft de luifel in, ook als het niet waait” en: “Als je klaar bent met koken, draai de gaskraan dan voor de zekerheid dicht. “Natuurlijk!” riep ik. “Vanzelfsprekend.”

Een geheime bumper met opbergmogelijkheid

Er volgden heerlijke dagen aan zee. De wind ging liggen en de zon scheen de hele dag. Ik wilde de luifel inmiddels best graag uitdraaien, maar had geen clue hoe dit te doen. Om de volgende ochtend nu direct al de hulplijn (de man) in te schakelen, vond ik wat kinderachtig. We bakten er dus maar vrolijk op los en sprayden de kinderen lekker dik in met zonnebrand. Uiteindelijk moest ik Jannes toch maar om hulp vragen. “Lief, waar ligt de stok van de luifel ook alweer?” vroeg ik nonchalant en alsof ik het gewoon eventjes vergeten was. “In de achterbumper, waar ook de vuilwaterslang ligt” stuurde hij terug. 

Hoewel ik er al meerdere keren naast stond als we vuilwater loosden, was de geheime bumper met opbergmogelijkheid me werkelijk nog nooit opgevallen. Ik vond de stok en het lukte me zelfstandig de luifel uit te klappen. De witte wijn was koud, onze kinderen hadden de tijd van hun leven en we sliepen allemaal heerlijk. Alleen kwam er halverwege de vakantie geen water uit de kraan in de camper en konden we de wc niet doorspoelen. Zou het water op zijn?! schoot het door mijn hoofd. Hoeveel liter gaat er eigenlijk in zo’n tank…? Maar voordat ik er serieus over na kon denken was er een peuter met een bloedende knie, een conflict over een voetbal of een kleuter gestruikeld over een scheerlijn. Dus liet ik het weer gaan.

“De situatie werd iets primitiever dan ik me had voorgenomen”

Iets anders dat ik deze vakantie zelf zou moeten kunnen, was het legen en reinigen van het chemisch toilet. Dit had Jannes me uitgebreid laten zien, ik moest dit zelfstandig kunnen. Ik heb werkelijk zestien keer aan de achterkant van de camper gestaan met een geopend luik, klaar om de grijze unit te omarmen, maar kreeg hem niet los. Omdat we ook nog steeds geen water hadden, werd de situatie nu toch wat primitiever dan ik me had voorgenomen. Mijn vriendin en haar twee kinderen waren inmiddels vertrokken en het weer was vrijwel direct omgeslagen: het regende nu de hele dag. Ik bleef mezelf voorhouden dat het allemaal nog best goed ging. Toen ik de kinderen kwijt was vond ik ze naast de kachel bij de receptie. “Hier is het lekker warm mama! En we hebben een zakje chips gekregen!”

“Waarom staat de pomp uit?” vroeg Jannes me toen hij de camper na vier dagen voor ons kwam ophalen. “De pomp?!” vroeg ik. “En wat heb je trouwens nog veel water!” Jannes staarde naar de metertjes boven het aanrecht en drukte het donkerbruine seventies knopje PUMPE weer in. “Ah, die!” zei ik. “Oh, die vonden we zoveel herrie maken, dus die had ik even uitgezet.” Jannes keek me aan en draaide het kraantje in de keuken open, waarna het water het gootsteentje instroomde. Ik besloot de focus snel te verleggen naar de zaken die wel goed waren gegaan. “Het was een heerlijke vakantie!” zei ik. “De kinderen hebben in de tent geslapen, we zijn elke dag naar het strand geweest en het koken ging hartstikke goed.” Misschien moet ik de volgende keer nog iets beter opletten bij de technische uitleg, maar toch zou ik de volgende keer weer zonder man gaan. Hoewel het samen met hem gegarandeerd iets minder primitief is… 

© 2024 HANNAH'S HYMER

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑